Citaat | Parket bij de Hoge Raad 18 juni 2004
Alinea 45 Parket bij de Hoge Raad 18 juni 2004
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 18 juni 2004, ECLI:NL:PHR:2004:AO7004.
1.22 Aan deze vordering heeft de vrouw ten grondslag gelegd dat zij het huis [b-straat 1] na inwerkingtreding van de huwelijkse voorwaarden heeft verkocht, maar dat zij slechts een gering deel van de verkoopprijs (ƒ 15.000,--) in het haar toegescheiden woonhuis [c-straat 1] heeft geïnvesteerd. Het restant van de verkoopprijs is aangewend ter betaling van de kosten van huishouding c.a., zodat ingevolge art. 2 van de huwelijkse voorwaarden een vordering op de man is ontstaan.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/4e7d49b90cdac0d3031bd6dfcb21742bff84aa157ea3389f6fbd5fe8ddda6050. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 4e7d49b90cdac0d3031bd6dfcb21742bff84aa157ea3389f6fbd5fe8ddda6050, en de alinea staat in dat document op bytes 12942 tot 13435.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/4e7d49b90cdac0d3031bd6dfcb21742bff84aa157ea3389f6fbd5fe8ddda6050 | shasum -a 256