Citaat | Parket bij de Hoge Raad 18 juni 2004
Alinea 86 Parket bij de Hoge Raad 18 juni 2004
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 18 juni 2004, ECLI:NL:PHR:2004:AO7004.
Volgens de vrouw staat tussen partijen de rechtsgeldigheid van hun huwelijkse voorwaarden niet ter discussie en verschillen zij alleen van mening over de wijze waarop inhoudelijk dient te worden afgerekend. De rechtbank heeft dan ook, aldus de vrouw, ten onrechte de werking en toepasselijkheid van hun overeenkomst van huwelijkse voorwaarden terzijde geschoven en daarvoor in de plaats aangenomen dat het huwelijksvermogensrecht van partijen door de regels van de wettelijke huwelijksgoederengemeenschap wordt beheerst(7). Wanneer partijen een dergelijke wijze van afrekening voor ogen zou hebben gestaan, dan hadden zij in hun huwelijkse voorwaarden een "alsof beding" (finaal verrekenbeding) moeten opnemen of wijziging van de huwelijkse voorwaarden moeten verzoeken. Nu de afspraken van partijen geen leemte bevatten, vormen de redelijkheid en billijkheid hier niet een aanvullende bron van rechten en verplichtingen naast die welke uit de overeenkomst van huwelijkse voorwaarden voortvloeien. Het "opzij zetten" van deze huwelijkse voorwaarden zou - aldus nog steeds de vrouw - tot onaanvaardbare rechtsonzekerheid leiden terwijl de man ook geen wezenlijke argumenten heeft aangevoerd op grond waarvan aan de redelijkheid en billijkheid een zodanige derogerende werking toekomt.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/4e7d49b90cdac0d3031bd6dfcb21742bff84aa157ea3389f6fbd5fe8ddda6050. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 4e7d49b90cdac0d3031bd6dfcb21742bff84aa157ea3389f6fbd5fe8ddda6050, en de alinea staat in dat document op bytes 22418 tot 23714.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/4e7d49b90cdac0d3031bd6dfcb21742bff84aa157ea3389f6fbd5fe8ddda6050 | shasum -a 256