Citaat | Parket bij de Hoge Raad 8 oktober 2004

Alinea 36 Parket bij de Hoge Raad 8 oktober 2004

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 8 oktober 2004, ECLI:NL:PHR:2004:AO9549.

3.3 Ik stel voorop dat volgens vaste jurisprudentie van de Hoge Raad bij de beoordeling van de vraag of van een dringende reden in de zin van artikel 7:677 lid 1 BW sprake is, de omstandigheden van het geval, in onderling verband en samenhang, in aanmerking moeten worden genomen. Daarbij behoren in de eerste plaats in de beschouwing te worden betrokken de aard en de ernst van hetgeen de werkgever als dringende reden aanmerkt, en verder onder meer de aard van de dienstbetrekking, de duur daarvan en de wijze waarop de werknemer die dienstbetrekking heeft vervuld, alsmede de persoonlijke omstandigheden van de werknemer zoals zijn leeftijd en de gevolgen die een ontslag op staande voet voor hem zou hebben(8).

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/abc3598d1c7c279ef5a735aef48e8e475675ababb8d7b0ba33f611c567f352f5. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt abc3598d1c7c279ef5a735aef48e8e475675ababb8d7b0ba33f611c567f352f5, en de alinea staat in dat document op bytes 15566 tot 16293.