Citaat | Parket bij de Hoge Raad 17 december 2004
Alinea 78 Parket bij de Hoge Raad 17 december 2004
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 17 december 2004, ECLI:NL:PHR:2004:AO9556.
4.23.1 Laten we, bij wege van voorbeeld, aannemen dat een subsidie wordt ingetrokken. De bestuursrechter oordeelt dat deze intrekking toelaatbaar was. De burgerlijke rechter oordeelt in tegengestelde zin. Naar welke uitspraak moet de overheid zich gedragen en waarom? En waarom zou de burger de vruchten plukken van de voor hem gunstige uitspraak onder terzijdelating van de voor hem nadelige? Het was uiteraard niet zonder goede reden dat Uw Raad, toen bijvoorbeeld bleek dat zijn rechtspraak in de uitwegvergunningenproblematiek op gespannen voet stond met die van de ARRS overstag is gegaan.(22) Hetgeen uiteraard niet betekende dat de rechtspraak van de ARRS (per se) beter was.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/91b18ee86d9998fe2adf52c4d13e04e00f1063779b481bc3dcb3412e8da7026b. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 91b18ee86d9998fe2adf52c4d13e04e00f1063779b481bc3dcb3412e8da7026b, en de alinea staat in dat document op bytes 34097 tot 34793.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/91b18ee86d9998fe2adf52c4d13e04e00f1063779b481bc3dcb3412e8da7026b | shasum -a 256