Citaat | Parket bij de Hoge Raad 28 mei 2004
Alinea 46 Parket bij de Hoge Raad 28 mei 2004
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 28 mei 2004, ECLI:NL:PHR:2004:AP0084.
2.6 In de bestreden rechtsoverweging heeft het hof zich niet schuldig gemaakt aan verboden feitenaanvulling. De rechter mag uit de feiten en omstandigheden die partijen aan hun vordering ten grondslag hebben gelegd wel feitelijke gevolgtrekkingen maken; de rechter mag gebruik maken van gegevens die hij afleidt uit feiten die wel door de partijen zijn aangedragen.(11) Het hof heeft uit het feit dat Chardimar B.V. een belang heeft van 80 % in vof [B] afgeleid dat zij een groter risico liep dan wanneer zij zich voor een lening hoofdelijk aansprakelijk stelde.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/9d06c60e04aab25903bb6f130a433a2f61b40a50065be187179a08ae80644b7a. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 9d06c60e04aab25903bb6f130a433a2f61b40a50065be187179a08ae80644b7a, en de alinea staat in dat document op bytes 23227 tot 23802.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/9d06c60e04aab25903bb6f130a433a2f61b40a50065be187179a08ae80644b7a | shasum -a 256