Citaat | Parket bij de Hoge Raad 28 mei 2004
Alinea 12 Parket bij de Hoge Raad 28 mei 2004
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 28 mei 2004, ECLI:NL:PHR:2004:AP0263.
1.2. Bij inleidende dagvaarding d.d. 10 oktober 2002 heeft [verweerder] [eiseres] en [A] B.V. in kort geding gedagvaard voor de rechtbank te Amsterdam, sectie kanton(1). Hij heeft doorbetaling gevorderd van zijn loon (ad € 3.861 bruto per maand) vanaf juli 2002 totdat de dienstbetrekking rechtsgeldig zal zijn beëindigd, te vermeerderen met de wettelijke verhoging ex art. 7:625 BW, met de buitengerechtelijke kosten en met de wettelijke rente. Daarnaast heeft hij gevorderd dat de werkgeefster hem in de gelegenheid zal stellen zijn werkzaamheden te hervatten, op straffe van verbeurte van een dwangsom. Tussen partijen is in geschil of voor de werkgeefster een dringende reden bestond om de arbeidsovereenkomst onverwijld op te zeggen.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/dba2f879cba515ffe7ac6ee5fcfa3adf6d4a53c8d76f85b5e3a3ee23b88dd9f7. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt dba2f879cba515ffe7ac6ee5fcfa3adf6d4a53c8d76f85b5e3a3ee23b88dd9f7, en de alinea staat in dat document op bytes 5799 tot 6553.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/dba2f879cba515ffe7ac6ee5fcfa3adf6d4a53c8d76f85b5e3a3ee23b88dd9f7 | shasum -a 256