Citaat | Parket bij de Hoge Raad 28 mei 2004
Alinea 32 Parket bij de Hoge Raad 28 mei 2004
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 28 mei 2004, ECLI:NL:PHR:2004:AP0263.
2.6. In de onderhavige zaak heeft [verweerder] het spoedeisend belang in alinea 16 van de inleidende dagvaarding als volgt onderbouwd: "om op zeer korte termijn duidelijkheid te verkrijgen over de ontstane situatie en te voorzien in zijn dagelijkse kosten van levensonderhoud". Ook heeft [verweerder] benadrukt dat van hem niet gevergd kan worden dat hij de afloop van een bodemprocedure afwacht. [Eiseres] heeft de spoedeisendheid van de vordering als zodanig niet bestreden. [Eiseres] heeft als maatstaf opgegeven dat getoetst dient te worden "of de vorderingen in een eventuele bodemprocedure een gerede kans van slagen hebben" (zie pleitnota in eerste aanleg blz. 2). Over een restitutierisico heeft [eiseres] niets aangevoerd.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/dba2f879cba515ffe7ac6ee5fcfa3adf6d4a53c8d76f85b5e3a3ee23b88dd9f7. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt dba2f879cba515ffe7ac6ee5fcfa3adf6d4a53c8d76f85b5e3a3ee23b88dd9f7, en de alinea staat in dat document op bytes 15980 tot 16725.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/dba2f879cba515ffe7ac6ee5fcfa3adf6d4a53c8d76f85b5e3a3ee23b88dd9f7 | shasum -a 256