Citaat | Parket bij de Hoge Raad 8 oktober 2004

Alinea 34 Parket bij de Hoge Raad 8 oktober 2004

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 8 oktober 2004, ECLI:NL:PHR:2004:AP0427.

2.6. De klachten falen, omdat geen rechtsregel ertoe noopt een dergelijke scherpe scheiding aan te brengen. Het hof diende bij de beantwoording van de vraag wat de koper aan eigenschappen mocht verwachten, te letten op alle omstandigheden van het geval. Een van die omstandigheden was de technische informatie die BSW tevoren aan [verweerster] had verstrekt. Het hof is kennelijk van oordeel dat [verweerster] op basis van die informatie, met name het verwerkingsvoorschrift, mocht verwachten dat het door BSW geleverde kunststof materiaal verwerkt kon worden zonder maatregelen te treffen teneinde het binnendringen van polyurethaan in de open celstructuur van de basislaag tegen te gaan. Dit oordeel is feitelijk van aard en, anders dan in de subsidiaire klacht en in subonderdeel 1.1.3 wordt gesteld, niet onbegrijpelijk. Of de documentatie met het verwerkingsvoorschrift onverplicht aan [verweerster] werd toegezonden, zoals de s.t. van de zijde van BSW beklemtoont (blz. 9), dan wel BSW tot toezending daarvan verplicht was, doet voor dit oordeel niet ter zake.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/28369d6408ff765bbd85afadeccb83ae40a5533cbaa61f2bc0f1a161cbc2c125. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 28369d6408ff765bbd85afadeccb83ae40a5533cbaa61f2bc0f1a161cbc2c125, en de alinea staat in dat document op bytes 16836 tot 17915.