Citaat | Parket bij de Hoge Raad 17 september 2004
Alinea 44 Parket bij de Hoge Raad 17 september 2004
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 17 september 2004, ECLI:NL:PHR:2004:AP0434.
15. Middelonderdeel 4 van het principale cassatiemiddel betreft eveneens de waardering van de aandelen in de B.V. Met een motiveringsklacht wordt opgekomen tegen 's hofs oordeel dat de vrouw geen baat vindt bij haar grief met betrekking tot de stille reserves in de B.V. nu zij ten aanzien van de in aanmerking te nemen waarde van de effecten geen grief heeft gericht tegen rechtsoverweging 9.1, eerste alinea, van de in hoger beroep bestreden beschikking van de rechtbank waarin wordt aangetekend dat partijen het erover eens zijn dat de waarde van de aandelen in de B.V. per 1 januari 2000 op f 1.840.592,- moet worden gesteld, zodat daarvan verder dient te worden uitgegaan. Geklaagd wordt - kort gezegd - over een onbegrijpelijke uitleg van grief 3 van de vrouw waarmee de vrouw opkwam tegen de beslissing van de rechtbank om de door de vrouw in de B.V. aanwezige geachte stille reserves (als gevolg van een te lage waardering van bepaalde activa, namelijk de Mercedes en de effecten) buiten beschouwing te laten. In dat verband wordt betoogd dat het hof met zijn gewraakte overweging dat de vrouw bij deze grief geen baat vindt nu zij geen grief heeft gericht tegen het oordeel van de rechtbank dat partijen het erover eens zijn dat de waarde van de aandelen per 1 januari 2000 op f 1.840.592,- moet worden gesteld, eraan heeft voorbijgezien dat zowel uit de grief zelf als uit de toelichting daarop blijkt dat de vrouw weliswaar kan instemmen met de waardering van de aandelen op genoemd bedrag van f 1.840.592,- maar dat de vrouw ter zake daarvan met haar derde grief een voorbehoud heeft gemaakt, inhoudende dat de waarde hoger ligt indien en voorzover haar stellingen met betrekking tot de aanwezigheid van stille reserves juist worden bevonden. Voorts wordt geklaagd dat voorzover het hof heeft gemeend dat de grief de vrouw niet kan baten omdat de vrouw geen afzonderlijke grief heeft gericht tegen het oordeel van de rechtbank dat de waarde van de aandelen in de B.V. per 1 januari 2000 f 1.840.592 bedroeg, het hof eisen stelt aan het aanvallen van afzonderlijke onderdelen van een in appel aangevallen beslissing die niet mogen worden gesteld.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/f59b8fb6c011452e12277182b8e7aed79bddfd02dc8a036cce5625d17f304c1a. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt f59b8fb6c011452e12277182b8e7aed79bddfd02dc8a036cce5625d17f304c1a, en de alinea staat in dat document op bytes 29648 tot 31818.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/f59b8fb6c011452e12277182b8e7aed79bddfd02dc8a036cce5625d17f304c1a | shasum -a 256