Citaat | Parket bij de Hoge Raad 31 augustus 2004

Alinea 68 Parket bij de Hoge Raad 31 augustus 2004

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 31 augustus 2004, ECLI:NL:PHR:2004:AP1213.

23. De tweede klacht houdt in dat uit de gebezigde bewijsmiddelen niet kan volgen dat de verdachte onwaarheden heeft verteld over vroeger seksueel misbruik van aangeefster. In de toelichting wordt al uiteengezet dat dit in zoverre niet juist is dat uit de tot het bewijs gebezigde verklaring van de aangeefster kan volgen dat verdachte hierover onwaarheden heeft verteld. De steller van het middel meent echter dat het Hof de onwaarheid van hetgeen verdachte heeft verteld niet had mogen aannemen enkel en alleen op de verklaring van de aangeefster. Er is echter geen rechtsregel die zich daartegen verzet. Ook behoefde het Hof zijn oordeel dat de verklaring van aangeefster op dit punt geloofwaardig is niet nader te motiveren. De selectie en waardering van het bewijsmateriaal behoeft door de rechter in het algemeen niet te worden gemotiveerd en het enkele feit de verdachte stelt dat hij mede op grond van zijn deskundigheid als psycholoog ernstige aanwijzingen heeft dat aangeefster seksueel is misbruikt, is geen omstandigheid die tot nadere motivering noopt. Ik wijs er in dit verband nog op, al realiseer ik mij dat het Hof die verklaring niet voor het bewijs heeft gebruikt, dat de vroegere partner van aangeefster deze verhalen ook als hem niet bekend en ongeloofwaardig van de hand heeft gewezen (slotdossier p. 000029).

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/896a34e51f667203a78c4e1eb0ac5a4aad6f758e614d84c5a2915bb958b255d4. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 896a34e51f667203a78c4e1eb0ac5a4aad6f758e614d84c5a2915bb958b255d4, en de alinea staat in dat document op bytes 24325 tot 25670.