Citaat | Parket bij de Hoge Raad 11 juni 2004
Alinea 26 Parket bij de Hoge Raad 11 juni 2004
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 11 juni 2004, ECLI:NL:PHR:2004:AP1349.
"Nu aldus geen van de getuigen de lezing van de partijgetuige [verweerder] dat expliciet is afgesproken dat [eiser] (ook) zou zorgdragen voor een verzekering tegen wettelijke aansprakelijkheid bevestigt en uit de overige getuigenverklaringen ook niet kan worden opgemaakt dat [eiser] wist of had moeten begrijpen dat zulks de bedoeling was, is de rechtbank van oordeel dat [verweerder] c.s. niet in het op hen rustende bewijs dat tussen partijen was afgesproken dat [eiser] zou zorgdragen dat de vrachtwagencombinatie (ook) tegen W.A. was verzekerd zijn geslaagd. Dit leidt tot afwijzing van de vordering ad ƒ 55.000,= en de daarmee verbonden buitengerechtelijke incassokosten."
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/997b8817eb935d5219fbcb01d2cd8b29a6a1b8c832822bcee6ea2aa423bcb9a7. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 997b8817eb935d5219fbcb01d2cd8b29a6a1b8c832822bcee6ea2aa423bcb9a7, en de alinea staat in dat document op bytes 9658 tot 10350.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/997b8817eb935d5219fbcb01d2cd8b29a6a1b8c832822bcee6ea2aa423bcb9a7 | shasum -a 256