Citaat | Parket bij de Hoge Raad 11 juni 2004

Alinea 44 Parket bij de Hoge Raad 11 juni 2004

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 11 juni 2004, ECLI:NL:PHR:2004:AP1349.

2.3 Volgens de eerste klacht constateert het hof eerst dat [verweerder] er niet in is geslaagd het op hem rustende bewijs te leveren. In plaats van vervolgens de vordering af te wijzen, oordeelt het hof echter dat [eiser] er evenmin in is geslaagd te bewijzen dat partijen niet zijn overeengekomen dat [eiser] zou zorgdragen voor een WA-verzekering. Deze bewijssituatie bestaat volgens de klacht evenwel niet.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/997b8817eb935d5219fbcb01d2cd8b29a6a1b8c832822bcee6ea2aa423bcb9a7. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 997b8817eb935d5219fbcb01d2cd8b29a6a1b8c832822bcee6ea2aa423bcb9a7, en de alinea staat in dat document op bytes 15925 tot 16347.