Citaat | Parket bij de Hoge Raad 7 september 2004
Alinea 9 Parket bij de Hoge Raad 7 september 2004
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 7 september 2004, ECLI:NL:PHR:2004:AP1533.
3.1. Aan het door klager ingediende klaagschrift lag de stelling ten grondslag dat hij als rechthebbende moest worden aangemerkt van de onder hem inbeslaggenomen personenauto. Blijkens de bestreden beschikking en het proces-verbaal van de behandeling in raadkamer op 4 februari 2004 is deze stelling bij die behandeling door de raadsman van klager verlaten en heeft deze aangevoerd dat niet klager maar zijn broer [betrokkene 1] als rechthebbende dient te worden aangemerkt en dat de auto aan hem moet worden teruggegeven.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/14f4249ff7710f44efb664ae037d7c608708e2384d721aefcf0d13e4b8c21753. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 14f4249ff7710f44efb664ae037d7c608708e2384d721aefcf0d13e4b8c21753, en de alinea staat in dat document op bytes 4935 tot 5470.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/14f4249ff7710f44efb664ae037d7c608708e2384d721aefcf0d13e4b8c21753 | shasum -a 256