Citaat | Parket bij de Hoge Raad 15 oktober 2004
Alinea 62 Parket bij de Hoge Raad 15 oktober 2004
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 15 oktober 2004, ECLI:NL:PHR:2004:AP1664.
3.5 Onderdeel I.4 klaagt, dat het hof een onjuiste maatstaf aanlegt, door de toelaatbaarheid van inroeping van het verjaringsbeding slechts af te meten aan hetgeen GTI naar maatstaven van redelijkheid en billijkheid jegens de gemeente betaamt. De gemeente is immers geen partij in deze procedure en wordt niet benadeeld door het beroep op het beding en anderzijds dient onderhavige vordering uitsluitend het belang van Zürich. Dit onderdeel moet falen; de verzekeraar is als gesubrogeerde getreden in volle omvang in de rechten van de gemeente. Zürich kan zich vanzelfsprekend uit dien hoofde beroepen op alle verweren die de gemeente toekomen.(15)
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/d27cdb44bc229a353168c2afbf61654f35360b0ea8e4723a0a9dcff325f16dbb. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt d27cdb44bc229a353168c2afbf61654f35360b0ea8e4723a0a9dcff325f16dbb, en de alinea staat in dat document op bytes 31934 tot 32597.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/d27cdb44bc229a353168c2afbf61654f35360b0ea8e4723a0a9dcff325f16dbb | shasum -a 256