Citaat | Parket bij de Hoge Raad 18 juni 2004

Alinea 54 Parket bij de Hoge Raad 18 juni 2004

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 18 juni 2004, ECLI:NL:PHR:2004:AP1873.

Het zal dan ook niet verbazen dat ik de klachten als ongegrond beoordeel: een benadering zoals ik die zojuist summier beschreef is nauwelijks geëigend om in het kader van de eerder beschreven beperkingen van de procedure op de voet van art. 7:685 BW, steekhoudende cassatieklachten op te leveren.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/bb44d8e7f3828c8290de59f8b548edb6bc173e1f7c0114b91af396f71b502fcb. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt bb44d8e7f3828c8290de59f8b548edb6bc173e1f7c0114b91af396f71b502fcb, en de alinea staat in dat document op bytes 24521 tot 24831.