Citaat | Parket bij de Hoge Raad 18 juni 2004
Alinea 65 Parket bij de Hoge Raad 18 juni 2004
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 18 juni 2004, ECLI:NL:PHR:2004:AP1873.
Dat wordt niet anders doordat de rechter in de eerste aanleg de - licht als exorbitant aan te merken - verlangens van ITMS met betrekking tot bewijslevering en kennisneming van (buitengewoon uitgebreide) stukken, niet heeft gehonoreerd. De partij die (zoals het hof kennelijk ten aanzien van ITMS heeft geoordeeld) van de eerste rechter aanzienlijk méér aandacht voor haar stellingen vraagt dan in het kader van de betreffende - summiere - procedure te verantwoorden is, kan zich niet beklagen over ongelijke behandeling als aan dat verlangen geen gevolg wordt gegeven (hoewel de wederpartij, die in dit verband géén exorbitante eisen heeft gesteld, dan inderdaad niet met een navenante weigering wordt geconfronteerd) (27).
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/bb44d8e7f3828c8290de59f8b548edb6bc173e1f7c0114b91af396f71b502fcb. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt bb44d8e7f3828c8290de59f8b548edb6bc173e1f7c0114b91af396f71b502fcb, en de alinea staat in dat document op bytes 29139 tot 29881.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/bb44d8e7f3828c8290de59f8b548edb6bc173e1f7c0114b91af396f71b502fcb | shasum -a 256