Citaat | Parket bij de Hoge Raad 31 augustus 2004
Alinea 25 Parket bij de Hoge Raad 31 augustus 2004
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 31 augustus 2004, ECLI:NL:PHR:2004:AP2047.
d) Gelet op het bovenstaande is het oordeel van het hof dat de aan art. 319 Sv te ontlenen verplichting tot oproeping van de verdachte niet behoefde te worden nageleefd, omdat in casu het onderzoek ter terechtzitting niet was geschorst, doch was onderbroken en verdachte bovendien kennelijk afstand had gedaan van zijn aanwezigheidsrecht, onjuist dan wel onbegrijpelijk.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/066f7fcdf824d1551e9e917a8325c448c1a4f249365289a4f25662a1e4a2cacb. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 066f7fcdf824d1551e9e917a8325c448c1a4f249365289a4f25662a1e4a2cacb, en de alinea staat in dat document op bytes 12017 tot 12401.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/066f7fcdf824d1551e9e917a8325c448c1a4f249365289a4f25662a1e4a2cacb | shasum -a 256