Citaat | Parket bij de Hoge Raad 28 september 2004
Alinea 34 Parket bij de Hoge Raad 28 september 2004
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 28 september 2004, ECLI:NL:PHR:2004:AP4455.
16. Bij de beantwoording van de vraag of verdachte bedoeld voorwaardelijk opzet had dient te worden vooropgesteld, dat de overweging van het Gerecht van Eerste Aanleg kennelijk aldus moet worden gelezen dat verdachte voorwaardelijk opzet had op doden van [slachtoffer 1]. Het Gerecht van Eerste Aanleg reageert in haar overweging immers op het verweer van verdachte dat hij dat opzet niet had.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/61deade0df2fd73a1cbfed300362421f957f99827176f2fb1216cc4582e8626f. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 61deade0df2fd73a1cbfed300362421f957f99827176f2fb1216cc4582e8626f, en de alinea staat in dat document op bytes 15601 tot 16008.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/61deade0df2fd73a1cbfed300362421f957f99827176f2fb1216cc4582e8626f | shasum -a 256