Citaat | Parket bij de Hoge Raad 28 september 2004

Alinea 42 Parket bij de Hoge Raad 28 september 2004

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 28 september 2004, ECLI:NL:PHR:2004:AP4455.

24. In de toelichting op het middel wordt nog aangevoerd dat de bewezenverklaring in de onderhavige zaak niet verenigbaar is met HR 27 juni 1995, DD 95.247. In die zaak ging het om een politieambtenaar die ontkende het slachtoffer te hebben willen doden en aanvoerde gericht te hebben geschoten op het achterwiel van de auto waarin het slachtoffer zich bevond teneinde die auto tot stilstand te brengen nadat de bestuurder een door hem als politieambtenaar gegeven stopteken had genegeerd. De Hoge Raad oordeelde dat bewezenverklaring van opzet op de dood van het slachtoffer getuigde van een onjuiste uitleg van het begrip opzet dan wel dat de bewezenverklaring bij gebreke van nadere redengeving onvoldoende was gemotiveerd. Deze zaak verschilt in drieërlei opzicht van de onderhavige: een nadere redengeving van het bewijs van het opzet ontbreekt, verdachte was naar gezien zijn beroep moet worden aangenomen een geoefend schutter, en hij zou hebben gericht op de band van de auto en niet - zoals verdachte volgens de tweede lezing van zijn verklaring zou hebben gedaan - op een persoon. Die verschillen - de laatste twee eigenlijk contra-indicaties in de in nr. 19 bedoelde zin - brengen mee dat genoemd arrest niet onverenigbaar is met het onderhavige vonnis.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/61deade0df2fd73a1cbfed300362421f957f99827176f2fb1216cc4582e8626f. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 61deade0df2fd73a1cbfed300362421f957f99827176f2fb1216cc4582e8626f, en de alinea staat in dat document op bytes 20065 tot 21343.