Citaat | Parket bij de Hoge Raad 29 oktober 2004

Alinea 122 Parket bij de Hoge Raad 29 oktober 2004

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 29 oktober 2004, ECLI:NL:PHR:2004:AP4504.

De wettelijke regeling is echter na dit gedeelte van de Parlementaire discussie gewijzigd. Als gevolg van de wijziging is de formulering waarmee de wet (zoals die tenslotte is komen te luiden) de ruimte voor verpanding van toekomstige rechten (in art. 3:239 BW) en de ruimte voor beslag op toekomstige rechten (in art. 475 Rv.) omschrijft, inhoudelijk precies dezelfde: "...verkregen uit een dan reeds bestaande rechtsverhouding.", resp. "... uit een ...reeds bestaande rechtsverhouding rechtstreeks zal verkrijgen.". Van de blijkens de wetsgeschiedenis aanvankelijk beoogde bedoeling om verpanding (waarvan de bezwaren als geringer werden aangemerkt dan die van beslag) in ruimere mate mogelijk te maken dan beslag, komt dus in de uiteindelijke wetstekst niets tot uitdrukking; terwijl ook niet blijkt van gewijzigde inzichten met betrekking tot de toelaatbaarheid (en maatschappelijke wenselijkheid) van verpanding van toekomstige vorderingen. Integendeel, de latere wetsgeschiedenis brengt juist de bedoeling tot uitdrukking, verpanding en beslag in dezelfde mate mogelijk te maken (en om, ook in dit verband, de verhoudingen zoals die onder het tot dan toe bestaande recht waren, te handhaven)(47).

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/d2a3c41861e830c339997d4fb7d408cfcdb9f8c165cfbaf84dc2bb6ba6f4d74e. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt d2a3c41861e830c339997d4fb7d408cfcdb9f8c165cfbaf84dc2bb6ba6f4d74e, en de alinea staat in dat document op bytes 67320 tot 68536.