Citaat | Parket bij de Hoge Raad 29 oktober 2004

Alinea 21 Parket bij de Hoge Raad 29 oktober 2004

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 29 oktober 2004, ECLI:NL:PHR:2004:AP4504.

In dat opzicht zou het beslag geen doel getroffen hebben. In dit geding stelt [eiser] vervolgens aan de orde de door hem in bevestigende zin beantwoorde vraag of het eveneens vaststaande feit dat op voormeld moment van beslaglegging [verweerster 1] nog over een aanzienlijke "kredietruimte" kon beschikken, tot gevolg heeft dat die "kredietruimte" door het derdenbeslag wordt getroffen. De wet noemt "kredietruimte" niet afzonderlijk als een vermogensbestanddeel dat vatbaar is voor derdenbeslag. Onderzocht dient derhalve te worden de vraag of "kredietruimte" voor de toepassing van artikel 475 Rv. begrepen kan worden onder het daar wel genoemde begrip "vordering".

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/d2a3c41861e830c339997d4fb7d408cfcdb9f8c165cfbaf84dc2bb6ba6f4d74e. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt d2a3c41861e830c339997d4fb7d408cfcdb9f8c165cfbaf84dc2bb6ba6f4d74e, en de alinea staat in dat document op bytes 7980 tot 8660.