Citaat | Parket bij de Hoge Raad 29 oktober 2004

Alinea 37 Parket bij de Hoge Raad 29 oktober 2004

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 29 oktober 2004, ECLI:NL:PHR:2004:AP4504.

4.20. Daarnaast wordt nog overwogen dat het beoogde doel van beslaglegging onder derden is dat een vermogensbestanddeel dat de derde voor de beslagdebiteur onder zich heeft of zal krijgen, door het beslag zal worden "gezekerd" teneinde - na verkrijging van een executoriale titel - ten behoeve van de beslaglegger te worden te gelde gemaakt. Een dergelijk vermogensbestanddeel wordt door het onderhavige beslag niet getroffen. De beslaglegger kan het wilsrecht van [verweerster 1] niet uitoefenen, omdat het uitoefenen daarvan uitsluitend aan [verweerster 1] toekomt, en het uitoefenen door [verweerster 1] kan niet door de beslaglegger worden afgedwongen. (...).

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/d2a3c41861e830c339997d4fb7d408cfcdb9f8c165cfbaf84dc2bb6ba6f4d74e. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt d2a3c41861e830c339997d4fb7d408cfcdb9f8c165cfbaf84dc2bb6ba6f4d74e, en de alinea staat in dat document op bytes 17615 tot 18291.