Citaat | Parket bij de Hoge Raad 19 november 2004
Alinea 34 Parket bij de Hoge Raad 19 november 2004
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 19 november 2004, ECLI:NL:PHR:2004:AP4743.
Uw Raad heeft in zijn arrest van 24 december 1999, NJ 2000, 495, m.nt. HJS, benadrukt dat de omstandigheid dat de griffier kan afgaan op het in art. 433 Rv. bedoelde register niet alleen van belang is in het in art. 25 lid 1 aanhef en onder a Kadasterwet genoemde geval, maar ook in het geval waarin de in art. 3:300 lid 2 BW bedoelde uitspraak bij voorraad uitvoerbaar is verklaard. In zodanig geval, aldus uw Raad, draagt de veroordeling een niet definitief karakter zolang daartegen nog beroep in cassatie openstaat of, indien cassatie is ingesteld, het geding nog niet definitief tot een einde is gekomen. Zou de termijn voor het instellen van beroep in cassatie zijn verstreken nadat van de bevoegdheid om de uitspraak bij voorraad uit te voeren gebruik is gemaakt, dan zal - aldus uw Raad - alsnog een verklaring van de griffier als bedoeld in art. 25 Kadasterwet kunnen worden ingeschreven om buiten twijfel te stellen dat geen gewoon rechtsmiddel meer openstaat tegen de reeds ingeschreven uitspraak. Bovendien, zo komt mij voor, zullen bij de griffier desgewenst ook door derden inlichtingen ingewonnen kunnen worden over de vraag of binnen de termijn een gewoon rechtsmiddel is ingesteld.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/60f4f92d60d83230921e5d3d13acf1957bf0235f9a645caddb52c7d75a589ddd. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 60f4f92d60d83230921e5d3d13acf1957bf0235f9a645caddb52c7d75a589ddd, en de alinea staat in dat document op bytes 18789 tot 20000.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/60f4f92d60d83230921e5d3d13acf1957bf0235f9a645caddb52c7d75a589ddd | shasum -a 256