Citaat | Parket bij de Hoge Raad 19 november 2004

Alinea 43 Parket bij de Hoge Raad 19 november 2004

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 19 november 2004, ECLI:NL:PHR:2004:AP4743.

14. Met zijn slotklacht bouwt het middel voort op de in middel 1 en 2 ingenomen stellingen over de grondslag van de leveringsplicht; in zoverre moet het middel dan ook het lot van die middelen delen. Het middel voldoet voor het overige naar mijn oordeel niet aan de daaraan ingevolge art. 407 lid 2 Rv. te stellen eisen nu het niet aangeeft waar in de gedingstukken de door het middel bedoelde, door het hof gepasseerde stelling is terug te vinden. Bovendien ligt in 's hofs overwegingen een verwerping van bedoelde stelling besloten. Het hof, dat terecht ervan is uitgegaan dat de vaststellingsovereenkomst verplichtte tot levering tegen de door de taxateurs vastgestelde prijs, heeft immers overwogen - na in de door middel 1 tevergeefs bestreden rechtsoverweging 5.2 te hebben vooropgesteld dat er geen reden is af te wijken van het beginsel van gelijk oversteken - dat Witadi gemotiveerd heeft betoogd dat en waarom het naar maatstaven van redelijkheid en billijkheid onaanvaardbaar zou zijn haar aan het resultaat van de taxatie te houden, dat het daarbij gaat om de uitleg van de tussen partijen gesloten vaststellingsovereenkomst, dat deze uitleg niet zonder nader onderzoek en bewijslevering kan plaatsvinden en dat dit kort geding zich daarvoor niet leent.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/60f4f92d60d83230921e5d3d13acf1957bf0235f9a645caddb52c7d75a589ddd. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 60f4f92d60d83230921e5d3d13acf1957bf0235f9a645caddb52c7d75a589ddd, en de alinea staat in dat document op bytes 26989 tot 28267.