Citaat | Parket bij de Hoge Raad 17 december 2004
Alinea 45 Parket bij de Hoge Raad 17 december 2004
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 17 december 2004, ECLI:NL:PHR:2004:AP5258.
3.5. Omdat de bewijslastverdeling in casu een cruciale rol speelt, ga ik daar allereerst nader op in. De inspecteur voert voor het Hof een aantal factoren(11) aan om aannemelijk te maken, althans het begin van een vermoeden zouden kunnen laten ontstaan, dat de plaats van de feitelijke leiding van belanghebbende niet op de Nederlandse Antillen maar in Nederland is gelegen. Ook los van wat door de inspecteur is aangevoerd zijn er overigens indicaties in die richting. De jaarstukken worden in Nederlandse valuta opgemaakt en belanghebbende houdt haar belangrijkste bankrekening in Nederland aan (zie onderdeel 1.11. hiervoor). Een andere factor van betekenis is dat de (middellijk) aandeelhouder van belanghebbende in Nederland is gevestigd. Voorts voert de inspecteur aan dat de beslissingen in materiële zin, de wezenlijke bestuursbeslissingen (zie voor de stellingname in cassatie ook de in onderdeel 3.1. hiervoor opgenomen klacht), worden genomen door de centrale leiding van het F-concern op het kantoor van D in Nederland, onder andere omdat het in de ogen van de inspecteur onwaarschijnlijk is dat de trustbestuurder(s) andere dan louter formele en administratieve werkzaamheden voor belanghebbende verrichtte (zie daarover o.a. blz. 12 e.v. van het verweerschrift van de inspecteur voor het Hof en onderdeel 1.10. hiervoor). Voorts voert de inspecteur de bemoeienis van de centrale leiding van het F-concern in Q met betrekking tot de bouw van de Noorse schepen aan en het gegeven dat in 1995 opties zijn verworven voor nieuw te bouwen schepen (zie onderdeel 1.14. hiervoor). Een ander aspect dat de inspecteur naar voren brengt zijnde met de trustmaatschappij gesloten overeenkomsten, waarin is bepaald dat de 'managing directors' worden gevrijwaard van alle aansprakelijkheid e.d., wat de vraag naar de zelfstandigheid van de statutaire bestuurders aan de orde stelt. Welke factoren staan daar tegenover, dat wil zeggen pleiten in het voordeel van belanghebbende? De vennootschap is statutair gevestigd op - en in 1971 opgericht naar het recht van - de Nederlandse Antillen. De trustmaatschappij is op de Nederlandse Antillen gesitueerd en de vergadering van aandeelhouders vindt op de Nederlandse Antillen plaats (zie o.a. onderdeel 1.18. hiervoor). Belanghebbende heeft een overeenkomst met AA, vertegenwoordigd door BB, gesloten (zie onderdeel 1.12. hiervoor). De boekhouding en het opstellen van de balans vinden ook op de Nederlandse Antillen plaats, evenals de overige formele werkzaamheden (zoals de inschrijving in het handelsregister) en belanghebbende voldoet daar aan haar fiscale verplichtingen.(12)
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/3284fd1f1910ecc432a235e08b9d7b4b18c4529f9ae50df2bd2ddd03bce5cda1. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 3284fd1f1910ecc432a235e08b9d7b4b18c4529f9ae50df2bd2ddd03bce5cda1, en de alinea staat in dat document op bytes 23945 tot 26583.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/3284fd1f1910ecc432a235e08b9d7b4b18c4529f9ae50df2bd2ddd03bce5cda1 | shasum -a 256