Citaat | Parket bij de Hoge Raad 24 september 2004
Alinea 62 Parket bij de Hoge Raad 24 september 2004
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 24 september 2004, ECLI:NL:PHR:2004:AP6874.
31) In de twee zaken die in de in voetnoot 23 genoemde arresten beoordeeld werden waren overigens motiveringen aan de orde die men als nog (iets) zwakker zou kunnen kwalificeren dan de in de onderhavige zaak gegeven motivering. Vooral de zaak uit 1995 is illustratief: de (kanton)rechter gaf daarin (het betrof een verstekzaak) te kennen dat gevorderde buitengerechtelijke kosten "bovenmatig" waren - dat lijkt mij in dit geval een equivalent van: onredelijk -; maar de kantonrechter beperkte de kosten die hij vervolgens wèl toewees tot een bedrag dat overeenkwam met het gevorderde incassopercentage over een (beperkt) deel van de vordering, die overigens integraal werd toegewezen. Het valt te begrijpen dat dat oordeel wegens gebrek aan logische consistentie werd vernietigd.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/217f2e806b96e5b97fc7dcf856cb92ef3b08007e87a0634b39edfe6ad21c994f. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 217f2e806b96e5b97fc7dcf856cb92ef3b08007e87a0634b39edfe6ad21c994f, en de alinea staat in dat document op bytes 28973 tot 29766.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/217f2e806b96e5b97fc7dcf856cb92ef3b08007e87a0634b39edfe6ad21c994f | shasum -a 256