Citaat | Parket bij de Hoge Raad 24 september 2004
Alinea 44 Parket bij de Hoge Raad 24 september 2004
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 24 september 2004, ECLI:NL:PHR:2004:AP7760.
2.7 Het hof heeft in rechtsoverweging 3.3 bij de beoordeling van de vraag of [eiseres] gebonden is aan de op haar naam gedane mededeling van haar makelaar [betrokkene 1](5) aan [verweerder] c.s. dat zij het bod had aanvaard, het oog gehad op de algemene leer van de opgewekte schijn zoals neergelegd in de beschermingsregels van art. 3:36 BW(6).
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/e4d2fba22d2173661a371e66dbb77db8b19de12153515cdc2c16961c572ea0f8. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt e4d2fba22d2173661a371e66dbb77db8b19de12153515cdc2c16961c572ea0f8, en de alinea staat in dat document op bytes 13510 tot 13869.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/e4d2fba22d2173661a371e66dbb77db8b19de12153515cdc2c16961c572ea0f8 | shasum -a 256