Citaat | Parket bij de Hoge Raad 24 september 2004

Alinea 55 Parket bij de Hoge Raad 24 september 2004

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 24 september 2004, ECLI:NL:PHR:2004:AP7760.

2.12 Onder verwijzing naar de in rechtsoverweging 3.5 aangehaalde brief van de raadsman van [eiseres] van 25 april 1995 (productie VI bij de CvA in conventie/CvE in reconventie) wordt in onderdeel 3 erover geklaagd dat de vaststelling van hof dat [eiseres] "goedschiks noch kwaadschiks" bereid was mee te werken aan overdracht van haar woning, tegen de achtergrond van de door het hof weergegeven feiten en in het licht van de gedingstukken onbegrijpelijk is nu in die brief de raadsman van [eiseres] om een conceptakte alsmede een comparitievolmacht vraagt en verdergaande medewerking onmogelijk was terwijl [verweerder] c.s. de levering ook zonder medewerking van [eiseres] hadden kunnen bewerkstelligen door inschrijving van het kortgedingvonnis.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/e4d2fba22d2173661a371e66dbb77db8b19de12153515cdc2c16961c572ea0f8. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt e4d2fba22d2173661a371e66dbb77db8b19de12153515cdc2c16961c572ea0f8, en de alinea staat in dat document op bytes 17419 tot 18182.