Citaat | Parket bij de Hoge Raad 24 september 2004

Alinea 93 Parket bij de Hoge Raad 24 september 2004

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 24 september 2004, ECLI:NL:PHR:2004:AP7760.

2.28 Met betrekking tot de (omvang van de) schade hebben [verweerder] c.s. in de feitelijke instanties gesteld dat [eiseres] verplicht is aan hen de volledige schade te vergoeden die zij door haar wanprestatie hebben geleden. De waarde van de onroerende zaak wordt volgens [verweerder] c.s. bepaald door hetgeen een willekeurige derde bereid is daarvoor te betalen. Voordat bekend was dat de woning voor een bedrag van ƒ 1.575.000,-- aan een derde zou worden verkocht, vorderden [verweerder] c.s. in eerste instantie een bedrag van (ƒ 2.500.000,-- minus ƒ 1.425.000,-- =) ƒ 1.075.000,--. Subsidiair hebben [verweerder] c.s. verzocht de schade, eventueel één of meer deskundigen gehoord hebbende, vast te stellen op een naar redelijkheid en billijkheid te bepalen bedrag(23).

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/e4d2fba22d2173661a371e66dbb77db8b19de12153515cdc2c16961c572ea0f8. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt e4d2fba22d2173661a371e66dbb77db8b19de12153515cdc2c16961c572ea0f8, en de alinea staat in dat document op bytes 30998 tot 31792.