Citaat | Parket bij de Hoge Raad 26 november 2004

Alinea 119 Parket bij de Hoge Raad 26 november 2004

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 26 november 2004, ECLI:NL:PHR:2004:AP9665.

2.29 Bij onmiddellijke vertegenwoordiging op grond van volmacht - al dan niet neergelegd in een overeenkomst van lastgeving - is daarentegen wel cruciaal dat de gevolmachtigde de hoedanigheid van gevolmachtigde/formele procespartij aanstonds vermeldt(28). In zijn arrest van 2 april 1993, NJ 1993, 573 m.nt. DWFV heeft de Hoge Raad het volgende geoordeeld:

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/bbe90bf617c22fd111a867544a5f0c286154d6691db777fbbcff9980e5ce094a. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt bbe90bf617c22fd111a867544a5f0c286154d6691db777fbbcff9980e5ce094a, en de alinea staat in dat document op bytes 37895 tot 38265.