Citaat | Parket bij de Hoge Raad 12 november 2004
Alinea 130 Parket bij de Hoge Raad 12 november 2004
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 12 november 2004, ECLI:NL:PHR:2004:AP9666.
4.4. Met betrekking tot een in een overeenkomst opgenomen opschortende voorwaarde heeft de Hoge Raad in zijn arrest van 10 maart 1967, NJ 1967, 194 overwogen dat - tenzij anders is bedongen - degene in wiens belang de voorwaarde is gemaakt, niet bevoegd is om door een eenzijdige wilsverklaring de voorwaardelijke verbintenis om te zetten in een zuivere verbintenis.(6)
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/5551db21baa80c0daa899bef190e9bbc7188fe97261fe1ca75733e99058da82e. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 5551db21baa80c0daa899bef190e9bbc7188fe97261fe1ca75733e99058da82e, en de alinea staat in dat document op bytes 31467 tot 31850.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/5551db21baa80c0daa899bef190e9bbc7188fe97261fe1ca75733e99058da82e | shasum -a 256