Citaat | Parket bij de Hoge Raad 2 november 2004
Alinea 39 Parket bij de Hoge Raad 2 november 2004
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 2 november 2004, ECLI:NL:PHR:2004:AQ0679.
In de onderhavige zaak heeft het gerechtshof ook gebruik gemaakt van de door de wet toegekende bevoegdheid. In cassatie worden geen relevante argumenten aangevoerd die zouden moeten doen concluderen dat verdachte geen 'fair trial' heeft gehad. Evenmin als in de zaak Pisano lijkt mij hier art. 6 lid 3 onder d EVRM geschonden. Maar dat wil niet zeggen dat de beslissing om de gevraagde getuigen niet op te roepen niet in cassatie kan worden aangevochten. De vraag is immers ook of die beslissing begrijpelijk is.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/ccd86ff94ea6374bf96b5d43028b3234cef795e02a4232434ad3e6ac383345bd. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt ccd86ff94ea6374bf96b5d43028b3234cef795e02a4232434ad3e6ac383345bd, en de alinea staat in dat document op bytes 19996 tot 20521.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/ccd86ff94ea6374bf96b5d43028b3234cef795e02a4232434ad3e6ac383345bd | shasum -a 256