Citaat | Parket bij de Hoge Raad 26 november 2004

Alinea 71 Parket bij de Hoge Raad 26 november 2004

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 26 november 2004, ECLI:NL:PHR:2004:AR1739.

4.16 Ter beantwoording van de vraag of de vordering van [eiser] is verjaard, gaat het om de zogenaamde 'korte verjaringstermijn' van vijf jaar (art. 3:310 lid 1 BW).(19) Weliswaar bevat art. 3:310 lid 1 ook nog een lange termijn (van twintig jaar), maar in het licht van de onder 2 geschetste feiten is deze niet verstreken. Deze laatste termijn kan dan ook verder blijven rusten.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/f3c1dae10b3f5ba39e9980eee9d2c12025fcd0f77a531e033f210a714422280f. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt f3c1dae10b3f5ba39e9980eee9d2c12025fcd0f77a531e033f210a714422280f, en de alinea staat in dat document op bytes 28322 tot 28715.