Citaat | Parket bij de Hoge Raad 26 oktober 2004
Alinea 54 Parket bij de Hoge Raad 26 oktober 2004
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 26 oktober 2004, ECLI:NL:PHR:2004:AR2105.
3.34. Het vorenoverwogene lijdt slechts uitzondering wanneer aan de stukken of het verhandelde ter terechtzitting duidelijke aanwijzingen kunnen worden ontleend dat de verdachte niet vrijwillig afstand heeft gedaan van zijn recht om in zijn tegenwoordigheid te worden berecht. Dan behoort het onderzoek ter terechtzitting, dat op grond van een dagvaarding die op wettige wijze is betekend, rechtsgeldig is aangevangen, te worden geschorst teneinde de verdachte in de gelegenheid te stellen alsnog bij het onderzoek aanwezig te zijn.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/f83fcd3651d6f1ed7a3c1bf86e4bb4ffbe163d05096aba2eb21713bb3c66c24a. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt f83fcd3651d6f1ed7a3c1bf86e4bb4ffbe163d05096aba2eb21713bb3c66c24a, en de alinea staat in dat document op bytes 15396 tot 15941.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/f83fcd3651d6f1ed7a3c1bf86e4bb4ffbe163d05096aba2eb21713bb3c66c24a | shasum -a 256