Citaat | Parket bij de Hoge Raad 16 november 2004
Alinea 19 Parket bij de Hoge Raad 16 november 2004
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 16 november 2004, ECLI:NL:PHR:2004:AR2437.
4. Het middel heeft klaarblijkelijk betrekking op het onder 1 bewezenverklaarde feit, wederrechtelijke vrijheidsberoving gepleegd ten opzichte van [slachtoffer 2]. Blijkens de gebezigde bewijsmiddelen heeft verzoeker [slachtoffer 2] ertoe overgehaald naar een café te komen, waar verzoeker hem, vergezeld van anderen, opwachtte. Toen [slachtoffer 2] was gearriveerd werd hem voorgehouden dat hijzelf, zijn vrouw en zijn kinderen gedood zouden worden indien hij niet binnen twee weken ƒ 200.000,= zou geven. [Slachtoffer 2] is onder bedreiging met vuurwapens enige tijd vastgehouden. Voorts blijkt uit de bewijsmiddelen dat [slachtoffer 2] ook zelf een vuurwapen in zijn kleding had gestoken.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/a20656088590575814e909c1cb1537ebc043c425f05176fafc1f11b86116f12c. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt a20656088590575814e909c1cb1537ebc043c425f05176fafc1f11b86116f12c, en de alinea staat in dat document op bytes 5950 tot 6657.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/a20656088590575814e909c1cb1537ebc043c425f05176fafc1f11b86116f12c | shasum -a 256