Citaat | Parket bij de Hoge Raad 17 december 2004
Alinea 331 Parket bij de Hoge Raad 17 december 2004
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 17 december 2004, ECLI:NL:PHR:2004:AR3290.
78 Mogelijk anders A-G Wesseling-van Gent in haar conclusie voor HR 26 januari 2001, NJ 2001, 597 onder 2.23. In situaties waarin art. 6:99 BW van toepassing is, is er - kort gezegd - sprake van een aantal gebeurtenissen die ieder de oorzaak kunnen zijn. Dat betekent dat een of meer gebeurtenissen in werkelijkheid niet de oorzaak zijn. Zou men nu de eis stellen dat het condicio sine qua non-verband ten opzichte van iedere aangesproken persoon wordt aangetoond dan bestaat aan art. 6:99 BW geen behoefte meer. Zodra dat c.s.q.n.-verband eenmaal is aangetoond, is tevens gezegd dat de andere gebeurtenissen niet de oorzaak vormen. Daarom zal in dit soort gevallen voldoende moeten zijn dat er een mogelijk verband is.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/23e112bc614fc0cc2b315e210bf154b832b17a729975a862e971440a99c515f6. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 23e112bc614fc0cc2b315e210bf154b832b17a729975a862e971440a99c515f6, en de alinea staat in dat document op bytes 105654 tot 106386.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/23e112bc614fc0cc2b315e210bf154b832b17a729975a862e971440a99c515f6 | shasum -a 256