Citaat | Parket bij de Hoge Raad 30 november 2004

Alinea 23 Parket bij de Hoge Raad 30 november 2004

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 30 november 2004, ECLI:NL:PHR:2004:AR3721.

14. Het voorgaande brengt mij tot de conclusie dat het Hof terecht voorbij is gegaan aan het verweer dat de verkregen goederen aan de veroordeelde zijn ontstolen. Die omstandigheid is voor de vaststelling van de omvang van het wederrechtelijk verkregen voordeel niet relevant.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/1dea59c8521668ea78f68e4d35b78bd7babc1ec56dd559bc637b17c563264458. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 1dea59c8521668ea78f68e4d35b78bd7babc1ec56dd559bc637b17c563264458, en de alinea staat in dat document op bytes 14197 tot 14486.