Citaat | Parket bij de Hoge Raad 17 december 2004
Alinea 27 Parket bij de Hoge Raad 17 december 2004
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 17 december 2004, ECLI:NL:PHR:2004:AR4151.
1.14 Bij arrest van 4 september 2001 heeft het hof de vordering van [verweerder] jegens [betrokkene 1] afgewezen, nu Ampatil en niet [betrokkene 1] koper was en door [verweerder] onvoldoende is gesteld om ondanks het onderscheid tussen Ampatil en [betrokkene 1] deze twee te vereenzelvigen. Vervolgens is het hof ingegaan op de vraag hoe art. 12 lid 3 van de overeenkomst moet worden verstaan. Het hof heeft in dit verband - kort gezegd - overwogen dat nu [verweerder] een beroep doet op de tekst van de bepaling en een nadere toelichting geeft die met deze tekst verenigbaar is, terwijl Ampatil een - beperkende - uitleg geeft die niet zonder meer uit deze tekst voortvloeit, voorshands moet worden uitgegaan van de door [verweerder] gegeven lezing van de bepaling en het aan Ampatil is haar daarvan afwijkende lezing wat dit betreft te bewijzen, zoals ook door haar aangeboden. Vervolgens heeft het hof Ampatil toegelaten te bewijzen dat art. 12 lid 3 louter een anti-speculatiebeding inhoudt en geen verdergaande strekking heeft.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/375d796c0b16fbdaee246c71565e9d25dcb6fd0c603e0fa2c4e90b910f8309af. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 375d796c0b16fbdaee246c71565e9d25dcb6fd0c603e0fa2c4e90b910f8309af, en de alinea staat in dat document op bytes 14157 tot 15202.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/375d796c0b16fbdaee246c71565e9d25dcb6fd0c603e0fa2c4e90b910f8309af | shasum -a 256