Citaat | Parket bij de Hoge Raad 24 december 2004
Alinea 14 Parket bij de Hoge Raad 24 december 2004
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 24 december 2004, ECLI:NL:PHR:2004:AR4471.
1.2 [Eiser], voormalig ambtenaar van de gemeente Rosmalen, is naast advocaat ook projectontwikkelaar. In deze laatste hoedanigheid kreeg hij eind 1996 de mogelijkheid een stuk grond van ongeveer 3.000 m2, gelegen te [plaats] aan de [a-straat 1], van de eigenaren [betrokkene 1] en [betrokkene 2] te kopen. [Eiser] heeft bij brief van 19 december 1996 [betrokkene 3], ambtenaar van de gemeente, toezending van de voor dit perceel geldende voorschriften en plankaart verzocht. [Eiser] gaf in zijn brief niet aan waarom hij de gevraagde toezending wenste. Bij brief van 17 januari 1997, ondertekend door het hoofd van de afdeling Bouwen, Wonen en Milieu van de gemeente, antwoordde [betrokkene 3] dat het betrokken perceel niet in het uitbreidingsplan "Plan in Hoofdzaak" (het uit 1958 daterende, ter plaatse geldende bestemmingsplan) was opgenomen(2), zodat niet aan het verzoek van [eiser] om toezending van de bestemmingsplanvoorschriften kon worden voldaan. Bij brief van 24 januari 1997 heeft [eiser] [betrokkene 3] gevraagd of het gestelde in diens brief van 17 januari 1997 ook geldt voor het perceel dat [eiser] op een met zijn brief meegezonden tekening had ingekleurd(3). [Betrokkene 3] heeft deze vraag bij brief van 12 februari 1997 bevestigend beantwoord. In mei/juni 1997 heeft [eiser] [betrokkene 4], advocaat te [plaats], verzocht om nogmaals na te gaan of voor het betrokken perceel inderdaad geen bestemming gold. [betrokkene 4] heeft hierop [betrokkene 3] andermaal benaderd, wederom zonder aanleiding of doel kenbaar te maken, en heeft hetzelfde antwoord als [eiser] gekregen. [Betrokkene 3] zou tevens hebben verklaard dat voor het betrokken perceel(4) en omgeving geen voorbereidingsbesluit was genomen en gold. Ter plaatse van het betrokken perceel gold echter het uit 1958 daterende uitbreidingsplan "Plan in Hoofdzaak". Ingevolge dit plan rustten op het perceel de bestemmingen "landelijk gebied II" en "bosgebied". Deze bestemmingen lieten slechts bebouwing met agrarische bedrijven met een omvang van minimaal 1 hectare, respectievelijk bebouwing die dienstbaar was aan toezicht op en het onderhoud van het bosbestand toe. Voorts zijn op 14 maart 1996 en op 20 maart 1997 voorbereidingsbesluiten voor het betrokken gebied genomen.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/f9d022cae3009104cc372de55970ba7afcbbf6536ba4ee8af5fd301230ba9938. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt f9d022cae3009104cc372de55970ba7afcbbf6536ba4ee8af5fd301230ba9938, en de alinea staat in dat document op bytes 5600 tot 7867.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/f9d022cae3009104cc372de55970ba7afcbbf6536ba4ee8af5fd301230ba9938 | shasum -a 256