Citaat | Parket bij de Hoge Raad 24 december 2004
Alinea 45 Parket bij de Hoge Raad 24 december 2004
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 24 december 2004, ECLI:NL:PHR:2004:AR4484.
17) De zo-even neergeschreven beschouwingen brengen mee, dat ik (ook) niet kan meegaan met de klacht van onderdeel 2.1.5 ( die erop neerkomt dat het hof de vrouw met een "verrassingsbeslissing" zou hebben geconfronteerd). De beslissing van het hof houdt, zoals al gezegd, in dat de door de rechtbank gegeven vaststelling ongedaan wordt gemaakt; en wel, zoals het meest voor de hand lag,: met ingang van de ook door de rechtbank gehanteerde (en bovendien bij de wettelijke regeling (van art. 827 jo art. 826 lid 1 Rv.) aansluitende(14)) ingangsdatum. Dat kan de vrouw voor een (onaangename) verrassing hebben geplaatst, maar het verdient bepaald niet de kwalificatie van "verrassingsbeslissing".
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/edeb50d10a98953949f545b98c308e589ab6f2f26acfe1bcb1abd5862503c5d6. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt edeb50d10a98953949f545b98c308e589ab6f2f26acfe1bcb1abd5862503c5d6, en de alinea staat in dat document op bytes 20612 tot 21320.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/edeb50d10a98953949f545b98c308e589ab6f2f26acfe1bcb1abd5862503c5d6 | shasum -a 256