Citaat | Parket bij de Hoge Raad 21 december 2004
Alinea 36 Parket bij de Hoge Raad 21 december 2004
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 21 december 2004, ECLI:NL:PHR:2004:AR5100.
14. Het hof heeft kennelijk de door de advocaat-generaal geschetste feitelijke gang van zaken voor waar aangenomen. Door aan die gang van zaken de conclusie te verbinden dat [medeverdachte] niet kan worden aangemerkt als verdachte van een op heterdaad ontdekt strafbaar feit, heeft het hof, tegen de achtergrond van het voorgaande, blijk gegeven van een onjuiste rechtsopvatting. Het geven van een dusdanige duw dat een verbalisant een aantal stappen naar achteren moest doen om zijn evenwicht te bewaren, en zulks naar aanleiding van een vraag naar personalia die haar aanleiding vond in betrekkelijk bedreigende omstandigheden zoals in het proces-verbaal van bevindingen vermeld, levert een redelijk vermoeden van schuld aan enig strafbaar feit op. Ik wijs op bijvoorbeeld overtreding van art. 180, 184 en/of 326 Sr. In de tenlastelegging is geen beperking tot art. 304 Sr te lezen, ook al heeft de advocaat-generaal haar in die richting uitgelegd. De politieambtenaren waren ter plaatse uit hoofde van hun op art. 2 Politiewet berustende wettelijke taak om de openbare orde te handhaven en werden daarin belemmerd door deze onder dreigende omstandigheden verrichte geweldshandeling van [medeverdachte].
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/40dcafbff3d73f0e7d0160110f8ed70ee2f2d3bb0f8f5362a8569dc3fb4d58a0. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 40dcafbff3d73f0e7d0160110f8ed70ee2f2d3bb0f8f5362a8569dc3fb4d58a0, en de alinea staat in dat document op bytes 21775 tot 22993.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/40dcafbff3d73f0e7d0160110f8ed70ee2f2d3bb0f8f5362a8569dc3fb4d58a0 | shasum -a 256