Citaat | Parket bij de Hoge Raad 22 december 2004
Onder 2.23. Parket bij de Hoge Raad 22 december 2004
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 22 december 2004, ECLI:NL:PHR:2004:AV2703.
In de onderdelen 2.2-2.8. van deze conclusie is al ingegaan op de in deze zaak toepasselijke regelgeving, en is aangegeven dat de verschillen tussen 10, derde lid, Vo. 719/91 jo. artikel 2 Vo.1593/91 enerzijds en de artikelen 454 en 455 TCDW anderzijds te verwaarlozen zijn. Bij de behandeling van dit derde cassatiemiddel moet die constatering genuanceerd worden, met name voor wat betreft de bewijstermijn die de aangever gegeven moet worden. Indien uitgegaan wordt van de regeling in het CDW en TCDW, is deze termijn één jaar. Ik verwijs hierbij naar de overwegingen 41 tot en met 49 van het arrest van het HvJEG van 23 maart 2000 ('Labis & Sagpol').(27) Daarentegen wordt voor de termijn voor het bewijs van de regelmatigheid van het vervoer in artikel 10, derde lid, Vo. 719/91 jo. artikel 2 Vo. 1593/91 verwezen naar artikel 11, tweede lid, TIR-Overeenkomst, waar een periode van drie maanden tot twee jaar wordt genoemd en geen vaste termijn. In verband met het rechtszekerheidsbeginsel heeft het HvJEG in de zaak BGL evenwel beslist dat de termijn dan twee jaar bedraagt, de voor belanghebbende in die zaak meest gunstige termijn(28). In die zaak ging het overigens om de vraag welke termijn van toepassing was ten aanzien van de garantstellende organisatie. Ik ga er echter van uit dat de overwegingen van het HvJEG evenzeer van toepassing zijn ten aanzien van de douaneschuldenaar in eigenlijke zin. De bewijstermijn die in de kennisgeving gegeven moet worden is dus 1 jaar (onder het TCDW) dan wel 2 jaar (onder de 'oude' regelgeving). Zoals zal blijken uit de hierna volgende onderdelen van deze conclusie kan in het midden blijven welke termijn de juiste is. Gezien de voorliggende feiten (hierna nog uitvoerig te bespreken) is dit voor het geding in cassatie niet van doorslaggevend belang.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/891a3da07b78f99f05372cc2225cd81eafb00dfc5a4f8a15954188c22660a8a3. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 891a3da07b78f99f05372cc2225cd81eafb00dfc5a4f8a15954188c22660a8a3, en de alinea staat in dat document op bytes 42717 tot 44540.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/891a3da07b78f99f05372cc2225cd81eafb00dfc5a4f8a15954188c22660a8a3 | shasum -a 256