Citaat | Parket bij de Hoge Raad 22 december 2004

Onder 2.37. Parket bij de Hoge Raad 22 december 2004

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 22 december 2004, ECLI:NL:PHR:2004:AV2703.

Als we echter aannemen dat dit wel is gebeurd, kan niet anders worden geconcludeerd dan dat belanghebbende niet voor het uitreiken van de UTB (10 augustus 1995) heeft kunnen reageren, laat staan dat belanghebbende in die korte periode getracht heeft bewijs te leveren. In haar bezwaarschrift van 23 augustus 1995(38) komt belanghebbende overigens niet met bewijzen, zij stelt dat zij zich niet kan verdedigen nu haar administratie (inclusief de documenten gerelateerd aan het TIR vervoer) is meegenomen door de Belgische douane, en zij mitsdien geen toegang tot eventueel bewijs heeft. Naar mijn mening heeft belanghebbende hiermee expliciet geen bewijs willen leveren, en verzoekt zij in wezen om op een later tijdstip, wanneer zij daartoe wel in staat is, met deze bewijsmiddelen te komen. Het lijkt erop dat dit ook zo wordt opgevat door de inspecteur.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/891a3da07b78f99f05372cc2225cd81eafb00dfc5a4f8a15954188c22660a8a3. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 891a3da07b78f99f05372cc2225cd81eafb00dfc5a4f8a15954188c22660a8a3, en de alinea staat in dat document op bytes 54650 tot 55518.