Citaat | Parket bij de Hoge Raad 1 februari 2005
Alinea 154 Parket bij de Hoge Raad 1 februari 2005
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 1 februari 2005, ECLI:NL:PHR:2005:AP4584.
In het tussenarrest van 12 november jl. werd overwogen dat, daargelaten de vraag of er sprake is geweest van schending van de onschuldpresumptie, de relevantie voor enige door het Hof te nemen beslissing niet was gesteld of aannemelijk geworden. Naar ik aanneem ten overvloede wijs ik er op dat als de hoofdofficier inderdaad een dergelijke mededeling heeft gedaan, dit volgens het EHRM een schending van de onschuldpresumptie kan opleveren.(volgt noot EHRM 10 februari 1995, A308. Allenet de Ribemont vs Frankrijk) Een niet-ontvankelijkverklaring van het Openbaar Ministerie in zijn vervolging zou wellicht een te zware sanctie vormen, maar bijvoorbeeld vermindering van straf in verband met een vormverzuim als bedoeld in artikel 359a Sv ligt bepaald voor de hand."
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/d58e2e9c7bd5b2ed8f347cf5a9f10a3b73d39b70a640ed6e3147ab8436ce8423. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt d58e2e9c7bd5b2ed8f347cf5a9f10a3b73d39b70a640ed6e3147ab8436ce8423, en de alinea staat in dat document op bytes 52160 tot 52940.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/d58e2e9c7bd5b2ed8f347cf5a9f10a3b73d39b70a640ed6e3147ab8436ce8423 | shasum -a 256