Citaat | Parket bij de Hoge Raad 1 februari 2005

Alinea 252 Parket bij de Hoge Raad 1 februari 2005

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 1 februari 2005, ECLI:NL:PHR:2005:AP4584.

Overigens is het standpunt dat het Openbaar Ministerie inneemt met betrekking tot het afluisteren van geheimhouders nog steeds niet duidelijk. Op de zitting van 6 december 2001 deelde de officier van justitie nog mede dat de dwangmiddelen, inclusief het afluisteren van geheimhouders, geheel conform de wet waren toegepast, waarbij het TOL-team van het OM de opdracht had gekregen geheimhoudersgesprekken niet uit te werken. Naar aanleiding van een brief van mij was gebleken dat er drie gesprekken waren die niet hadden mogen worden opgenomen en uitgewerkt. Een uitgebreide controle had uitgewezen dat het tot die drie verslagen beperkt was gebleven (volgt noot Proces-verbaal van de zitting in eerste aanleg van 6 december 2001, p. 5). Nadat ik om nadere uitleg had verzocht schreef de officier van justitie aan de voorzitter van de Strafkamer dat de gang van zaken precies omgekeerd was geweest: Op 23 januari 2001 had hij opdracht gegeven om alle gesprekken, inclusief geheimhoudersgesprekken uit te luisteren en te noteren, waarna hij opdracht zou geven welke gesprekken als geheimhoudersgesprekken zouden moeten worden verwijderd. Pas bij de ondervraging van de officier van justitie op de zitting van 4 maart 2002 blijkt dat de schriftelijke opdracht het team nooit heeft bereikt.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/d58e2e9c7bd5b2ed8f347cf5a9f10a3b73d39b70a640ed6e3147ab8436ce8423. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt d58e2e9c7bd5b2ed8f347cf5a9f10a3b73d39b70a640ed6e3147ab8436ce8423, en de alinea staat in dat document op bytes 95867 tot 97167.