Citaat | Parket bij de Hoge Raad 1 februari 2005
Alinea 327 Parket bij de Hoge Raad 1 februari 2005
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 1 februari 2005, ECLI:NL:PHR:2005:AP4584.
88. Zoals het middel terecht stelt is de vigerende standaard bij de afwijzing van een bewijsverweer of een strafuitsluitingsgrond of de feiten aannemelijk zijn geworden; niet: of zij zijn gebleken, noch: of zij door de verdachte aannemelijk zijn gemaakt. Dat het hof hier een strengere standaard heeft willen toepassen acht ik niet aannemelijk. Uw Raad heeft in het verleden de andersluidende bewoordingen in een arrest wel verstaan als de kennelijk beoogde. Dat kan nu ook geschieden (HR 12 januari 1971, NJ 1971, 293; HR 17 februari 1981, NJ 1981, 432).
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/d58e2e9c7bd5b2ed8f347cf5a9f10a3b73d39b70a640ed6e3147ab8436ce8423. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt d58e2e9c7bd5b2ed8f347cf5a9f10a3b73d39b70a640ed6e3147ab8436ce8423, en de alinea staat in dat document op bytes 122884 tot 123452.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/d58e2e9c7bd5b2ed8f347cf5a9f10a3b73d39b70a640ed6e3147ab8436ce8423 | shasum -a 256