Citaat | Parket bij de Hoge Raad 1 februari 2005

Alinea 61 Parket bij de Hoge Raad 1 februari 2005

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 1 februari 2005, ECLI:NL:PHR:2005:AP4584.

12. Ter ondersteuning van het verzoek is aangevoerd dat evident is dat zich bij de niet openbare gespreksverslagen van de COV stukken bevinden die in de strafzaak tegen verdachte in ontlastende zin - verband met het bewijs of de strafmaat - van belang kunnen zijn, dan wel waarmee de betrouwbaarheid van bepaalde getuigen aangevochten kan worden. Hiertoe is erop gewezen dat [getuige 22], penningmeester van de Vereniging Evenementenvuurwerk Nederland, bij de COV zich minder stellig heeft uitgelaten wat betreft zijn kennis van de classificatie van vuurwerk en de kennis in Nederland op dit gebied, dan bij gelegenheid van zijn verhoor door de rechter-commissaris in het kader van de strafzaak tegen verzoeker. Voorts is er door de raadsman op gewezen dat de heer Arntz, voorzitter van de branchevereniging voor Professioneel vuurwerk, Pyrotechniek en Toepassingen, door de COV als deskundige is gehoord en daar, kort samengevat, heeft verklaard dat opgeslagen vuurwerk minder gevaarlijk is dan vuurwerk op het moment van transporteren, terwijl [getuige 21], vuurwerkhandelaar en voorzitter van de Vereniging Evenementenvuurwerk Nederland, ter terechtzitting in eerste aanleg heeft verklaard dat vuurwerk, zodra het wordt opgeslagen, gevaarlijker is, dan wanneer het wordt getransporteerd.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/d58e2e9c7bd5b2ed8f347cf5a9f10a3b73d39b70a640ed6e3147ab8436ce8423. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt d58e2e9c7bd5b2ed8f347cf5a9f10a3b73d39b70a640ed6e3147ab8436ce8423, en de alinea staat in dat document op bytes 21450 tot 22754.