Citaat | Parket bij de Hoge Raad 18 januari 2005

Alinea 123 Parket bij de Hoge Raad 18 januari 2005

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 18 januari 2005, ECLI:NL:PHR:2005:AR2425.

25. 's Hofs klaarblijkelijk oordeel dat de inhoud van de gebezigde bewijsmiddelen voldoende aanwijzingen geven dat alle, in de bewezenverklaring onder 3 primair genoemde, geldbedragen die verzoeker en zijn mededaders van [betrokkene 2] ter wisseling hebben aangenomen door de handel in verdovende middelen zijn verkregen, zodat in redelijkheid valt uit te sluiten dat die geldbedragen anders dan door misdrijf zijn verkregen, komt mij, mede gelet op de hiervoor genoemde bewijsmiddelen 22a tot en met 25 en 30, niet onbegrijpelijk voor.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/c43f40bdaeb7e84b644aea5b3c1c1bcc747efc19dbe1e9241e26e739da4773c6. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt c43f40bdaeb7e84b644aea5b3c1c1bcc747efc19dbe1e9241e26e739da4773c6, en de alinea staat in dat document op bytes 27835 tot 28385.