Citaat | Parket bij de Hoge Raad 18 januari 2005

Alinea 191 Parket bij de Hoge Raad 18 januari 2005

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 18 januari 2005, ECLI:NL:PHR:2005:AR2425.

43. Gelet op deze bewijsmiddelen heeft het Hof kennelijk, en niet onbegrijpelijk, vastgesteld dat de in de bewezenverklaring onder 3 genoemde geldbedragen in fysieke vorm vanuit Engeland zijn overgedragen, zodat zij zijn aan te merken als de in het eerste lid van art. 416 Sr bedoelde door misdrijf verkregen goederen.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/c43f40bdaeb7e84b644aea5b3c1c1bcc747efc19dbe1e9241e26e739da4773c6. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt c43f40bdaeb7e84b644aea5b3c1c1bcc747efc19dbe1e9241e26e739da4773c6, en de alinea staat in dat document op bytes 44717 tot 45048.