Citaat | Parket bij de Hoge Raad 28 januari 2005

Alinea 38 Parket bij de Hoge Raad 28 januari 2005

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 28 januari 2005, ECLI:NL:PHR:2005:AR4035.

"Dit artikel bevat een voorschrift betreffende de wijze van oproeping van derden in een reeds aangespannen procedure met het oog op die gevallen waarin de wet voorschrijft of mogelijk maakt dat een derde in het geding geroepen wordt. Verschillende wetsbepalingen schrijven tijdige oproeping van de derde voor als eis voor de ontvankelijkheid van een vordering; men zie de artikelen 3.8.17, 3.9.2.6, 5.3.10b en 5.7.1.7. In andere gevallen gaat het om een voorschrift dat kan worden toegepast door een der partijen in de procedure ten einde een uitspraak te verkrijgen die mede werking tegen deze derde heeft (...) In al deze gevallen gaat het om een figuur die zich laat omschrijven als gedwongen voeging of tussenkomst en waarvan het ontbreken naar huidig recht door velen als een leemte wordt gevoeld (...).

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/c1edbb39f40e7ac3e39706ecb57dc0820466ed3fdb1dc8c90f79b1a70b05ced1. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt c1edbb39f40e7ac3e39706ecb57dc0820466ed3fdb1dc8c90f79b1a70b05ced1, en de alinea staat in dat document op bytes 25916 tot 26737.